Wat een mooie cadeautje van de natuur, deze vroege lente die onverwacht snel alles waar wij een winter lang naar uitkeken, uit de grond tovert. Natuurlijk zitten ergens in ons achterhoofd de zorgen over nachtvorst in april, of hagelbuien in de tweede helft van deze maartmaand, maar vooral is er toch die grote vreugde over de aarde die al weer tot leven komt onder de stralen van de zon, terwijl het laatste herfstgroen (blad aan de rozenstruiken bijvoorbeeld) nog naar net verdwenen is.

Graag wil ik de lezers van de website mijn tuin voorstellen. Niet groot, maar vol leven. Het is een drukte van belang in de voor- en achtertuin. Vanaf eind januari is er het feest van bloeiende helleborussen, waarvan ik 17 verschillende variëteiten heb (alle van de 'orientalis' soort). Elk jaar word ik weer verliefd op de subtiele kleurnuances, vaiërend van zachtgeel via groen naar dieppaars en leiblauw. Of van de sneeuwwitte variëteit.

Helleborussen leren mij bescheidenheid. Ze houden de schat van hun fijn getinte hart en zachtgele meeldraden voor zich, want de bloemhoofden knikken vaar de grond. Alleen wie de moeite neemt zo'n bloem even op te tillen, ziet de schoonheid die verder alleen voor de eerste bijen en hommels gereserveerd is. Tot eind april kun je van de bloemen genieten.

Een tweede vreugde in de voorjaarstuin zijn de rozen. Ook daarvan heb ik er op mijn bescheiden perceeltjes heel wat bij elkaar gebracht: klim-, struik-, en stamrozen, ramblers (met slappe snel groeiende ranken). Behalve de ramblers moeten ze allemaal worden gesnoeid en dat is dit jaar echt hard werken, want door de zachte temperaturen lopen de knoppen heel snel uit. Voorop gaan de rambler 'Mountain Snow' en de klimroos 'Shropshire Lad'.  Voor wie net zo van rozen houdt als ik, roepen deze namen vast ook al de beelden op van sneeuwwitte en perzikroze bloemenpracht in juni.

Omdat ik zó van bloemen houd, heb ik geen plek meer voor groenten in mijn tuin, maar er is wel altijd wat te snoepen voor de vogels in de winter. Lekkere kruipbeestjes onder het dorre blad voor de roodborst en heggemus, vette wurmen voor de merels en nu alweer de eerste bladluizen op de jonge rozenranken, waar de kool- en pimpelmezen direct op af komen.

Ach, mijn tuin...ik kan er wel uren over vertellen. Vooral nu, terwijl ik al het jonge blad begroet als vrienden die terug zijn van een lange reis. Hallo jongens, zijn jullie daar weer?! Ik heb jullie zo gemist!

Dat blije gevoel, dat heb je alleen in de lente. Het is wat mij betreft met niets te vergelijken, zo heerlijk is het.

De tuin wordt wakker

Lucette M. Faber



20 maart 2014